Bruggenbouwers: hoe een IOED en een Vrouwencentrum elkaars verhalen delen

Koken als een Romein

IOED Erfpunt werkte in het kader van het Europees Jaar een drieledig project uit over de zichtbare en onzichtbare invloeden van het Romeinse Rijk op het erfgoed in het Waasland. 
Een voorbeeld van een zichtbare invloed van het Romeinse Rijk is terug te vinden in onze keuken. Zonder dat we het beseffen, beïnvloeden gerechten van over heel Europa elkaar. In de Europese keukens vervagen de grenzen. Die relativiteit van grenzen is één van de uitgangspunten van het project.  


Met dat inzicht stapte Jeroen Van Vaerenbergh, erfgoedconsulent van Erfpunt en De Foodarcheoloog, naar Martine Van Eetvelde van het Vrouwencentrum in Sint-Niklaas. Niet veel later was het project ‘PULS’ geboren. Het project bracht inwoners bij elkaar van allerlei landen die deel uitmaken van het voormalig Romeins Rijk. Samen gingen ze na hoe zij vandaag, in het Waasland, koken en eten. 


Martine maakte dertien vrouwen en mannen uit o.a. Italië, Syrië, Marokko, België, Turkije en de Balkan warm om samen deel te nemen aan dit bijzondere project. Vervolgens nam Jeroen hen mee in het verhaal van een archeologische waterput in het Waasland, waar hij aan de hand van planten, objecten en vondsten het dagelijkse leven ten tijde van de Romeinen vertelde.


Na het verhaal gaf Jeroen de opdracht om een typisch familiegerecht te bereiden en te vertellen hoe de lokale keuken en ingrediënten het oorspronkelijke recept beïnvloedden. De groep proefde van elkaars gerechten, zat samen aan tafel en deelde verhalen over de betekenis van samen koken en eten. Tijdens het gesprek kwamen herinneringen, rituelen en gevoelens naar boven. “Dit creëerde een spontane verbondenheid en solidariteit tussen de diverse culturen”, getuigt Martine. “Dit soort waardevolle ontmoetingen, waarbij er echt vertrouwen ontstaat, is geen alledaagse koek.”


Het project resulteerde ook in een mooi uitgegeven kookboek, met artistieke foto’s die naast de gerechten, de mensen en hun verhalen prachtig in beeld brengt. Ook de historische achtergrond van de ingrediënten en gerechten komen uitvoerig aan bod. 


“De kracht van dit project”, volgens Jeroen, “is dat het niet gestart is vanuit de idee om een integratieproject op te zetten. Maar dat het en cours de route wel zo is geëvolueerd. De gesprekken gingen niet over ieders roots of hoe ze in het Waasland terecht kwamen, maar wel over eetgewoonten, manieren van koken en de invloed van hun huidige woonplaats – het Waasland - op hun oorspronkelijke tradities én kook- en eetgewoonten. Wat je nodig hebt bij interculturele projecten is iemand die ‘de lijm’ vormt. Martine was voor ons ‘de lijm’. Zij spreekt de taal van de mensen die we zochten en vormde een vertrouwd gezicht voor hen. We zijn er ons van bewust dat wij, als IOED, nooit zo’n diverse groep hadden kunnen samenstellen”. “Daarvoor heb je partners zoals het Vrouwencentrum nodig”, zegt Jeroen nog.


Gedeelde doelstellingen

De IOED realiseerde met dit project  drie van haar doelstellingen: 

  1. een andere doelgroep bereiken; nl. niet de ‘typische erfgoedliefhebber’, maar mensen met een andere culturele achtergrond. 
  2. een co-creatief project opzetten. 
  3. meer inzetten op wat er echt leeft in een gemeenschap: via erfgoed ook een bijdrage leveren aan hedendaagse, maatschappelijke vraagstukken. Jeroen getuigt dat dit een van de eerste keren is dat de IOED op deze manier een project aanpakt. De vaak terugkerende bekommernis is dat dit soort projecten en doelstellingen veel tijd en energie kosten. “En dat is ook zo”, zegt Jeroen. “Alleen hoef je dit niet allemaal zelf of alleen te doen. Dat inzicht geeft rust en ruimte.”


Het Vrouwencentrum heeft door deze samenwerking ook een aantal van haar doelstellingen kunnen verwezenlijken. Zij boden op deze manier aanbod waarin ontmoeting, sociaal contact en ontplooiing centraal staan. Het initiatief van IOED Erfpunt zorgde ervoor dat de vrouwen en mannen die Martine bijeen bracht, op een andere wijze met elkaar en de lokale geschiedenis in contact kwamen. Onder het credo levenslang leren organiseert het Vrouwencentrum al jaren voordrachten, lezingen, lees- en conversatiegroepen, een cursus Nederlands voor anderstaligen en filosofie. In het kookproject kwamen – weliswaar op een niet-traditionele manier - elk van deze aspecten aan bod. 


De effecten

“Een van de meest waardevolle effecten”, aldus Jeroen, “is dat de samenwerking tussen collega’s ook verbeterd is. We voelden wat ‘participatie’- een buzzwoord waarvan we vaak niet weten wat het inhoudt - kan teweegbrengen. In de dagelijkse werking van de IOED is die co-creatieve gedachte intussen binnengeslopen en heeft het de geesten rijper gemaakt. Daarnaast maakten de resultaten van dit erfgoedproject ons bijzonder fier”. 


“Dat erfgoed maatschappelijk relevant is, hebben we meer dan ooit gevoeld bij dit project”, zegt Jeroen glunderend. “Maar we hebben ook geleerd dat het relevant is dat wij als erfgoedzorgers en als maatschappij erfgoed op diverse manieren moeten benaderen. Erfgoed mag niet iets zijn dat ons in de weg staat of belemmert in nieuwe (stads)ontwikkelingen. We moeten erfgoed o.a. benaderen als manier om antwoorden te bieden op hedendaagse vraagstukken, zoals diversiteit.” “We moeten out-of-the-box denken over erfgoed”, adviseert Jeroen, “alleen zo geven we het erfgoed ook een toekomst”. 


Samenvattende tips van Jeroen 

  • Zoek mensen die ‘de lijm’ kunnen zijn in je project. 
  • Ga ervan uit dat je dit niet alleen kan (als IOED of als andere erfgoedorganisatie), zoek de juiste partner.
  • Zoek mensen die in dezelfde doelstellingen geloven.
  • Houd je niet aan een vooraf opgesteld plan waar niets aan gewijzigd mag worden, maar zoek samen uit wat voor ieders organisatie wenselijk is.
  • Doe zelf eens een co-creatief traject, het zelf ervaren is de beste leerschool.
  • Zorg ervoor dat iedereen, elke partner en elke deelnemer, zijn eigenheid kan blijven behouden. Zorg dat er ruimte is om die eigenheid toe te laten in een project, zo haal je het meest uit de samenwerking.
  • Laat je eigen verhaal niet te zwaar doorwegen in het project, streef naar een gelijkwaardig partnerschap. 
  • Neem voldoende tijd om een co-creatief project uit te rollen: zodat je vanaf de conceptfase elke potentiële betrokkene kan betrekken.
  • Laat je in een maatschappelijk project met mensen van andere nationaliteiten niet afschrikken door een mogelijk ideologische polemiek. Durf een maatschappelijk standpunt in te nemen, het hoeft daarom niet polariserend te zijn.
     

Deze manier van werken smaakt naar meer. Jeroen en Martine willen de samenwerking zeker warm houden en verankeren. De IOED wil er de Erfgoedcel alvast ook bij betrekken “zodat de verbinding tussen onroerend erfgoed, verhalen en mensen nog sterker gemaakt kan worden. Inzetten op crossovers binnen en buiten het erfgoedveld, willen we intensiever toepassen vanuit de IOED”, aldus Jeroen. 

Ben je benieuwd naar het eindproduct dat IOED Erfpunt maakte of je wil meer weten over het project? Lees hier meer of bestel het kooekboek PULS.


Maak hier kennis met andere bruggenbouwers